Beleidsdekkingsgraad PPF APG bedraagt 107,8 procent

De beleidsdekkingsgraad is het 12-maands gemiddelde van de dekkingsgraad. Met ingang van 1 januari 2015 is deze beleidsdekkingsgraad leidend voor het beoordelen van de financiële positie van pensioenfondsen.

Beleidsdekkingsgraad is gedaald
De beleidsdekkingsgraad van het fonds is in februari 2016 gedaald naar 107,8 procent ten opzichte van eind januari toen de beleidsdekkingsgraad 109,0 procent bedroeg.
 
In het vervolg van dit bericht leest u wat de oorzaken zijn van de wijziging in de onderliggende dekkingsgraad, welke de basis vormt voor de beleidsdekkingsgraad.
 
Dekkingsgraad is gedaald
De onderliggende dekkingsgraad van het fonds is in februari 2016 gedaald naar 98,1 procent ten opzichte van eind januari toen de dekkingsgraad 100,9 procent bedroeg. Dit komt door de daling van de rente en de beurzen. De huidige lage maanddekkingsgraden zullen, bij gelijk blijvende marktomstandigheden, ertoe leiden dat de beleidsdekkingsgraad geleidelijk zal dalen. 
 
De dekkingsgraad geeft de verhouding weer tussen het beschikbare vermogen en de verplichtingen. De verplichtingen zijn alle pensioenen die het fonds nu en in de toekomst moet uitbetalen. De daling van de dekkingsgraad komt voort uit een stijging van de verplichtingen met 4,5 procent en een stijging  van het beschikbaar vermogen met 1,7 procent.
 
Het bestuur vindt een dekkingsgraad van onder de 100% zorgelijk. Het bestuur heeft op 7 januari 2016 gemeld dat de zeer lage marktrente, de strengere regelgeving en de lage beleidsdekkingsgraad ervoor zorgen dat toeslagverlening in de toekomst geen vanzelfsprekendheid is.
 
Vermogen neemt toe
De ontwikkeling van het beschikbare vermogen is onder andere afhankelijk van de ontwikkeling van de rente en het rendement op beleggingen. Het fonds behaalde in februari een positief beleggingsresultaat. Dit werd voornamelijk veroorzaakt door de stijging van de Renteswaps met 1,7 procent.
 
Verplichtingen stijgen
De verplichtingen zijn met 4,5 procent gestegen. De ontwikkeling van de verplichtingen is voor een groot gedeelte afhankelijk van de ontwikkeling van de rente. De renteontwikkeling in februari heeft geleid tot een stijging van de verplichtingen met circa 4,5 procent.
 
Dekkingsgraad flink beïnvloed door de Ultimate Forward Rate (UFR)
Van eind september 2012 tot en met eind december 2014 werden de dekkingsgraden niet met de actuele rente berekend, maar werd er gebruik gemaakt van de UFR en een middeling van de rente over drie maanden. Vanaf 2015 wordt deze middeling niet meer gehanteerd maar worden dekkingsgraden berekend met de actuele rente in combinatie met de UFR. Medio juli 2015 heeft DNB de UFR op een andere manier vastgesteld. De UFR is niet meer gelijk aan een vast percentage van 4,2%, maar afhankelijk van de gemiddelde rente van de afgelopen tien jaar. Per eind februari is de UFR gelijk aan 3,10 procent.
 
Om een beeld te geven van de invloed van de UFR (en rentemiddeling), wordt in onderstaande grafiek het verschil getoond tussen de dekkingsgraad op marktrente (zonder UFR en zonder rentemiddeling) en de feitelijke dekkingsgraad zoals gerapporteerd aan DNB. In onderstaande grafiek is over de afgelopen maanden de invloed van de UFR (en rentemiddeling tot en met eind 2014) op de dekkingsgraad weergegeven. De rode lijn geeft de marktdekkingsgraad weer.

29-03-2016