Dekkingsgraad van PPF APG bedraagt 109,8% en de beleidsdekkingsgraad 103,5%

De beleidsdekkingsgraad is het 12-maands gemiddelde van de dekkingsgraad. Met ingang van 1 januari 2015 is deze beleidsdekkingsgraad leidend voor het beoordelen van de financiële positie van pensioenfondsen.

Beleidsdekkingsgraad is gestegen

De beleidsdekkingsgraad van het fonds is in februari 2017 gestegen naar 103,5% ten opzichte van eind januari toen de beleidsdekkingsgraad 102,5% bedroeg.

Werkgeversvoorzitter Marco Brouwer: “Wij vinden een stabiel en koopkrachtbestendig pensioen belangrijk. In 2016 was er sprake van een zeer lage inflatie en dat betekende gelukkig koopkrachtbehoud voor onze deelnemers en gepensioneerden. De beleidsdekkingsgraad van het fonds daalde in de loop van 2016 mede als gevolg van lagere renteniveaus, hetgeen een zorgelijke ontwikkeling is. In het vierde kwartaal van 2016 zagen we als bestuur een opvallende kentering waarbij de maanddekkingsgraad van december boven de minimaal vereiste dekkingsgraad van 104,3% is gekomen. De stijging van de dekkingsgraad heeft zich in januari voortgezet naar 109,9%, waarna deze in februari nagenoeg stabiel is gebleven op 109,8%. De beleidsdekkingsgraad is het gemiddelde over de afgelopen 12 maanden en is gestegen van 102,5% naar 103,5%. De komende jaren kan er daardoor waarschijnlijk niet worden geïndexeerd. Dat is pas mogelijk vanaf een beleidsdekkingsgraad van 110%. Ik verwacht nu dat de eerstkomende jaren uw pensioen niet hoeft te worden verlaagd.”

Op 16 februari 2017 heeft het bestuur van PPF APG een besluit genomen over het vragen van een herstelpremie bij een te lage dekkingsgraad. Brouwer: "Dit besluit geeft meer inzicht in hoe PPF APG met een eventuele herstelpremie in de toekomst zal omgaan. Dit is met name van belang voor de aangesloten werkgevers en deelnemers, omdat zij die extra premie moeten betalen."

In het vervolg van dit bericht leest u wat de oorzaken zijn van de wijziging in de onderliggende dekkingsgraad, welke de basis vormt voor de beleidsdekkingsgraad.

24-03-2017

De onderliggende dekkingsgraad van het fonds is in februari 2017 gedaald naar 109,8% ten opzichte van eind januari toen de dekkingsgraad 109,9% bedroeg. Doordat de dekkingsgraad eind februari 2017 hoger ligt dan de dekkingsgraad eind februari 2016, heeft dit een stijging van de beleidsdekkingsgraad tot gevolg gehad.

De dekkingsgraad geeft de verhouding weer tussen het beschikbare vermogen en de verplichtingen. De verplichtingen zijn alle pensioenen die het fonds nu en in de toekomst moet uitbetalen. De daling van de dekkingsgraad ten opzichte van vorige maand komt door de stijging van de verplichtingen met 2,8%. Het beschikbaar vermogen is met 2,7% gestegen. De dekkingsgraad is gedurende februari 2017 met 0,1%punt gedaald.

Het beschikbaar vermogen is met 2,7 procent gestegen. De ontwikkeling van het beschikbaar vermogen is onder andere afhankelijk van de ontwikkeling van de rente en het rendement op beleggingen. Het fonds behaalde in februari een positief beleggingsresultaat. Dat had een positief effect op het vermogen van circa 2,1procent. Hierbij is de waarde van renteswaps gestegen met 0,6 procent omdat de rente de afgelopen maand is gedaald.

De verplichtingen zijn met 2,8% gestegen. De ontwikkeling van de verplichtingen is afhankelijk van de ontwikkeling van de rente. De rente in februari is gedaald ten opzichte van de rente van januari, met als gevolg dat de verplichtingen in februari met 2,8% zijn toegenomen door de ontwikkeling van rente.

Van eind september 2012 tot en met eind december 2014 werden de dekkingsgraden niet met de actuele rente berekend, maar werd er gebruik gemaakt van de UFR en een middeling van de rente over drie maanden. Vanaf 2015 wordt deze middeling niet meer gehanteerd maar worden dekkingsgraden berekend met de actuele rente in combinatie met de UFR. Medio juli 2015 heeft DNB de UFR op een andere manier vastgesteld. De UFR is niet meer gelijk aan een vast percentage van 4,2%, maar afhankelijk van de gemiddelde rente van de afgelopen tien jaar.

Om een beeld te geven van de invloed van de UFR (en rentemiddeling), wordt in onderstaande grafiek het verschil getoond tussen de dekkingsgraad op marktrente (zonder UFR en zonder rentemiddeling) en de feitelijke dekkingsgraad zoals gerapporteerd aan DNB. In onderstaande grafiek is over de afgelopen maanden de invloed van de UFR (en rentemiddeling tot en met eind 2014) op de dekkingsgraad weergegeven. De rode lijn geeft de marktdekkingsgraad weer.

Grafiek met dekkingsgraad en marktdekkingsgraad